Jottem, lente! Al zie je verdorie niks van de duizend tulpenbollen die ik geplant heb. Dat de tuin vol zit met gaten en kuilen van alle ondergrondse muizen en mollen vind ik geen punt. Wél dat ze mijn bollen oppeuzelen. Alleen sneeuwklokjes en narcissen blieven ze gelukkig niet. Ook bovengronds heeft er zichtbaar een bacchanaal plaatsgevonden, maar dan met walnoten: overal liggen stapels opengebroken bolsters.
Door wie? Meneer en mevrouw fazant rennen vaak in het rond – gek genoeg nooit samen – maar ik heb ze nog nimmer belangstelling zien tonen voor de walnoten.
Merels huppen bij voorkeur onder de appelbomen. Andere vogels dan? Of zouden die muizen en mollen soms ’s nachts massaal omhoog komen om zich laveloos te smikkelen aan walnoten? Wie het ook zijn: hoe krijgen ze toch in hemelsnaam al die knetterharde doppen open zonder notenkraker? De natuur blijft één grote bron van verwondering.
Neem nou die walnotenbomen zelf. Drie heb ik er. Enorme joekels, hoewel ze ruim twintig jaar geleden toch echt als minuscule sprietjes geplant zijn, hoorde ik laatst van de vorige eigenaar. Ze zijn mooi, ze geven veel schaduw, in eentje hangt een fijne schommel en in de herfst ruiken de afgevallen bladeren o zo heerlijk, dus ik ben blij met hun nadrukkelijke aanwezigheid. De oogst bleef tot nu toe echter redelijk karig. Tot afgelopen najaar. Alle drie de bomen kregen het flink op hun heupen, de bruine bonken bleven maar vallen. En ik bleef maar rapen. Al was er geen beginnen aan. Krat na krat vulde zich met natte noten. Letterlijk, want ze waren vaak vochtig en modderig van in het gras liggen. Afspoelen, goed uitspreiden en laten drogen dus. Alle tuintafels lagen er vol mee en na het eerste regenbuitje verhuisde alles naar binnen, op krantenpapier.
Een extra reden om nooit helemaal digitaal te gaan met mijn dagbladabonnement. Doos na doos ging gevuld en al mee terug naar Amsterdam. Iedereen die aan kwam waaien kreeg een zak noten mee, van vrienden, buren en bekenden, tot de meteropnemer en loodgieter aan toe.
En toch lagen er onder alle drie de bomen nog altijd talloos veel noten, die we maar lieten liggen. En gelukkig maar, want zo te zien was de lokale fauna er deze afgelopen winter dus maar wat blij mee. Op zolder vond ik nog twee volle dozen met intussen kraakdroge walnoten. Die mochten door de pasta, samen met een laatste restje palmkool uit de wintermoestuin.

RECEPT Spaghetti met walnoten en palmkool
Nodig voor 2 personen:
200 g spaghetti
100 g walnoten (gepeld)
200 g palmkool
4 knoflooktenen
½ citroen
50 g Parmezaanse kaas
1 peperoncino (gedroogd klein pepertje)
olijfolie
zout & peper uit de molen
Breek de walnoten in stukjes, snij de knoflook in plakjes, de palmkool in reepjes. Breng alvast een pan water aan de kook met zout voor de pasta. Rooster de walnoten in een hapjespan met een drup olie. Schep op een bord. Doe nu een flinke scheut olie in dezelfde pan en bak de knoflookplakjes al omscheppend tot ze goudbruin en knapperig zijn. Schep ook eruit. Doe de reepjes palmkool in de pan, samen met de verkruimelde peperoncino, en bak beetgaar en knapperig.
Kook intussen de spaghetti gaar. Giet af, maar vang een kopje kookwater op. Doe spaghetti, knoflook en de helft van de walnoten in de pan met de palmkool. Roer en voeg zoveel kookvocht toe als nodig is voor een smeuïg geheel. Breng op smaak met geraspte parmezaan, een ferme kneep citroensap en versgemalen peper. Verdeel over 2 warme borden en strooi de rest van de walnoten erover.
TIPS:
• Heeft de groenteboer geen palmkool? Met boerenkool kan het ook.
• En in plaats van een peperoncinootje kun je ook een ferme haal geven aan zo’n molentje met chilivlokken.
Dit recept verscheen eerder in Trouw (©: Koken met Karin).
Bewaar dit recept als pin op Pinterest:
MOESTUINBOEK
Ook als je nu een walnotenboom plant gaat het even duren voor je wilt oogsten. Dan is zelf palmkool kweken een stuk makkelijker. Wil je moestuintips? Dan moet je mijn boek Van moestuin tot maaltijd hebben. Geschikt voor iedereen zonder groene vingers, van 9 tot 99. Met kweektips en natuurlijk ook met recepten. Te koop in elke boekwinkel of bestel hier een door mij persoonlijk gesigneerd exemplaar.


